donderdag 11 februari 2010

Van Dunedin naar Te Anau

In mijn overmoed om fitter thuis te komen dan ik vertrokken was, had ik gespeculeerd om vandaag een fiets te huren om Dunedin en het Otago schiereiland te verkennen. Toen ik de receptie van het hotel daarover polste, bekeek de dame me met een meewarige blik: are you sure you want to climb all these hilly streets? (Dunedin beroemt er zich overigens op, de steilste straat van de wereld te herbergen) Die bedoeling hadden we inderdaad niet, en dus hijsten we ons maar in de wagen om naar de albatroskolonie te rijden. Dat was een kort ritje van 28 km langs een smalle, heuvelachtige, bochtige weg vlak langs het water – het type weg dat mij de hele tijd aan het gillen zette. Stel u voor dat we die weg al fietsend gedaan hadden...
De binnenkant van het schiereiland was adembenemend mooi – ook al langs steile en kronkelige baantjes: een soort Wales/Cornwall, maar dan in de superlatief. Jammer genoeg ontbrak de zon, en was het bitter koud.
We hebben aan onze dag ook een cultureel hoofdstukje gebreid: Larnach Castle (foto), Olveston House en natuurlijk ook het indrukwekkende station in neo-renaissancestijl van Dunedin (foto).

Van Dunedin vertokken we naar het westen van het Zuidereiland, naar Te Anau aan de rand van het Fjordland. De rit doorheen het binnenland liep via Gore (Donalds aartsvijand), een stadje dat interessant is omdat de shops in de fifties zijn blijven steken. Ik waande me zo in Bromley de eerste keer dat ik er kwam (1965). Het leek wel alsof ik een wandeling in het verleden aan het maken was. We kwamen vrij vlot in Te Anau aan, en reden vandaar de lange weg naar Milford Sound (120 km) – waaaaaw, wat een ervaring om door een imponerend landschap te rijden dat de bakermat van Ayla in The Valley of Horses had kunnen zijn, een kruising tussen de weidsheid van Amerikaanse landschappen en de schoonheid van de Noorse fjorden.
Donald heeft onze auto nipt kunnen redden van een kea (soort papegaai) die het op onze banden gemunt had, door hem een nootje toe te gooien.

Vandaag zijn we in een toeristenval getuimeld: we zouden een geleide wandeling over Milford Track doen. Dat laatste is volgens de reisgidsen ‘de mooiste wandeling in de wereld’. Daarvoor moesten we eerst een uur over het Te Anaumeer varen. De peperdure wandeling bestond uit een ordinair uitstapje door een vrij gewoon bos – met hier en daar een woord uitleg over een boom of een vogel. En dat het zo duur was, tot daar dan toe (laat het dan maar een bijdrage tot de economie zijn), maar we hadden onze dag echt boeiender kunnen invullen dan met een boswandeling!!!! Als ik thuiskom, krijgt deze uitstap van mij een vermelding bij de tourist traps in Tripadvisor, wees daar maar zeker van. Anderzijds was het een hele geruststelling dat Donald de 11 km zonder verpinken mee heeft kunnen stappen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten